Home » 2018 (Pagina 2)
Jaarlijks archief: 2018
Avenida de Liberdade (P 4)
S
Stedentrip 2018
Lissabon, zondag 21 oktober 2018, dag 4
Rond het station van Rossio zien we vanmorgen hardlopers in oranje shirts. Ze hebben hun georganiseerde hardlooptocht er al op zitten als wij hier aankomen. Wij gaan met de metro naar de omgeving van Praça de Espanha. Metrostation San Sebastiӑo is een knooppunt van de rode en de blauwe lijn. Hier is ook een vestiging van El Corte Inglés, een deftig warenhuis. Wij komen in gesprek met een vriendelijke oudere Portugese dame die geboren is in Rwanda. Ze vertelt ons hoe wij het beste bij het Museum Calouste Gulbenkian kunnen komen.


Vanaf het Centro de Arte Moderne voert een wandeling dwars door een fraai park naar het museum dat wij vandaag willen bezoeken. Hier zijn veel schilderijen, beelden, sieraden, kleden, enz. te zien. Omdat het toegangskaartje van Museum Calouste Gulbenkian een combikaartje is, gaan we ook nog een korte tijd het museum van moderne kunst in.

Vanaf het park Sӑo Sebastiӑo hebben we een fraai uitzicht over de breedste laan van Lissabon en op de Taag in de verte. We wandelen langs de Avenida da Liberdade en maken uitstapjes naar buurten langs deze laan.
In een van die zijstraten komen we bij een marktje op een pleintje, waar handwerk e.d. wordt verkocht. Verderop op de brede laan kost het duurste horloge bij een juwelier ruim € 52.000. Er staat een gewapende politieagent bij de deur. Dit laatste zagen we deze dagen ook bij andere juwelierszaken.

’s Avonds eten we in een gezellig Portugees restaurantje gelegen tussen het Rock Café en ons hotel.
Casa de Alentejo (P 3)
S
Stedentrip 2018
Lissabon, zaterdag 20 oktober 2018, dag 3
Treinstation Rossio, niet ver van ons hotel heeft een bijzondere bouwstijl. Van hier gaat tram 15 naar Belém. De bus zit afgeladen met vooral toeristen. Deze wijk van Lissabon ligt vijf kilometer uit het centrum. Belém wordt door veel mensen bezocht. Je hebt er het Mosteiro dos Jerónimos (klooster), de Torre de Belém (toren) , het Padrӑo dos Descobrimentos (ontdekkingsreizigers)- monument en het beroemde café Fabrica dos Pastéis de Belém. Dit alles is de moeite waard om te bekijken.


Voor het enorme grote en fraaie klooster staat een megalange rij wachtenden om een kaartje te kunnen kopen en om naar binnen te kunnen komen. Het lijkt ons slim om met dit mooie weer niet in de lange rij te gaan staan. Eerst nemen we nu een kijkje bij de toren voordat we naar het ontdekkingsreizigersmonument gaan. Bij het beroemde pastei-eethuisje passeren wij de lange rij wachtenden en lopen ‘brutaal’ naar een achterzaal van deze zaak. We worden snel geholpen.

Evenwijdig aan de Taag wandelen we daarna terug richting Lissabon. We komen langs het Elektriciteitsmuseum, waar Joke en ik een aantal jaren geleden een bezoek aan brachten. Nu is er nog een ander technisch museum naast gebouwd. We lopen onder de brug over de Taag door. Waar vroeger havenactiviteiten plaatsvonden zijn nu soms grote pleinen waar auto’s worden geparkeerd of waar kleine kinderen spelen op loopfietsjes en dergelijke. Ook komen langs een parkeerterrein met niet al te deftige caravans waar waarschijnlijk semipermanent of permanent wordt gewoond.

Bij een mooi restaurant voorbij de Ponte 25 de Abril eten we een pizza. Bij de Cais de Sondré zijn we weer op bekend terrein. Het is weer een stralende avond. Bij restaurant Santiago, niet ver van ons hotel af, zitten we een paar uur op het terras. Aan de andere kant van de straat zien we regelmatig groepen mensen naar binnen gaan en niet veel later ook weer naar buiten komen.
Aan een ober van Santiago vraag ik wat hier aan de overkant te doen is. Hier is Casa de Alentejo, een gebouw waarvan uit de cultuur en de regio van Alentejo wordt gepromoot. Frits en ik gaan daar binnen ook een kijkje nemen. Er zijn prachtige muur- en plafondversieringen te zien. Ook zijn er deftig opgemaakte tafels.
Lissabon is op de mooie dagen en avonden, zoals wij deze meemaken, een levendige stad waar veel te doen en te zien is.
Lissabon, Pateao Nacional (P 2)
S
Stedentrip 2018
Lissabon, vrijdag 19 oktober 2018, dag 2
Tram 28 is een beetje erg vol. Bij een halte komen er toch twee plaatsen vrij voor Joke en Corry. Als daarna een Portugese moeder binnenkomt met twee hummeltjes, worden de kleine Portugeesjes door Joke en Corry op schoot genomen. In het Anwb-boekje over Lissabon staat dat je het beste begin van de dag met tram 28 kan rijden door de stad. Dat blijkt te kloppen. Ook na vandaag zien we steeds bomvolle trams 28.


Nadat we uitgestapt zijn komen we een stukje verder bij een uitzichtpunt in de wijk Mouraria. Hier is een kerk en een klooster. Koffie drinken we bij een leuk klein restaurantje op de hoek van twee straten. We wandelen omhoog naar het enige jaren geleden schitterend gerestaureerde Pateӑo Nacional. Er liggen bekende Portugezen begraven zoals de voetballer Eusébio. Via een aantal trappen gaan we naar het uitzichtterras van het pantheon. Hier heb je een mooi overzicht van de binnenstad en de Taag.
Bij een straat kan je alleen nog maar aan één kant via het voetpad verder. Hier zijn Romeinse opgravingen te zien. Eerlijk gezegd doet het mij niet veel. We gaan voor een lunchmaaltijd, menu van de dag, naar hetzelfde kleine restaurant waar we vanmorgen koffie dronken. Corry en ik kiezen voor een kabeljauw gerecht. Helaas is dat een afknapper. Er zit bijna geen vlees aan, wel vellen en vettigheid.


De kathedraal met de korte naam Cé is de grootste kerk van de stad. Hij is destijds gebouwd op de fundamenten van een moskee. We komen later weer uit op het Commercia plein. Van hieruit lopen we een stuk langs de Taag. Als we op een terras zitten zien we een lange rij werkers vanuit het achter ons gelegen station naar een veerboot lopen.
Het station heet Cais de Sondré. Wij wandelen hier dwars door heen. Een stukje verder is een markthal. Qua zaakjes is hij te vergelijken met die van Rotterdam of Amsterdam. Het is er op dit tijdstip erg druk en gezellig. Op de Rua Augusta eten we een broodje bij Paul een bakkerijketen dat oorspronkelijk uit Frankrijk komt.
Dag 2 van ons verblijf in Lissabon sluiten we af met een drankje in de huiskamer van ons hotel. In de stad kochten we vier Natas-de- Lisboa-gebakjes. Die nemen we bij de koffie hier. We hebben ook vandaag weer veel indrukken opgedaan in deze gezellig stad.
Lissabon, Baixa (P 1)
S
Stedentrip 2018
Lissabon, donderdag 18 oktober 2018.

We nemen de metro om vanaf het vliegveld bij ons hotel te komen. Dit hotel heet Residencial Florescente en ligt hartje centrum van de stad. De kamers zijn nog niet klaar, maar onze koffers kunnen we bij het hotel al afgeven. Tegenover Florescente is een theater. Het is gezellig druk in de Rua Portas de Santo Antӑo en in de andere straten van de wijk Baixa. Er zijn hier veel winkels, restaurants, hotels en hostels. Tafeltjes en stoelen staan aan weerskanten van de straten. Personeel van de diverse lokaliteiten nodigen voorbijgangers uit juist bij hun restaurant plaats te nemen voor een drankje of een maaltijd. Er zijn hier ook verschillende pleinen met stambeelden, fonteinen, e.d. De twee grootste zijn Rossio en Plaçde Commércio.

We maken een tripje met de kabeltram, Elevador da Glória. Ook komen we langs een lift die naar een hoger deel van de stad leidt. Deze lift, Elevador Santa Justia, lijkt wat op de Eifeltoren en staat midden in een straat. Boven kan je via een traverse naar de bovenstad, Bairro Alto lopen of, nog een verdieping hoger, genieten van een groots uitzicht.
De Jardim do Principe Real, een klein park, in de buurt van de botanische tuin lopen we over. Er is hier een 100 jaar oude boom, die hier overdag voor flink wat schaduw zorgt.
In een restaurantje gaan we voor een kop koffie met een vanillepasteitje. Er zijn hier erg veel katholieke kerken. Wij gaan bij de Santo Expedito even naar binnen. Deze heilige kan je aanroepen voor urgente hulp. Het was een strijder tegen Arabische barbaren.

Ook het beroemdste café van Lissabon, Brasileira do Chiado vereren wij met een bezoek. Het heeft een prachtig ouderwets interieur. Niet ver hiervandaan is een grote boekhandel.
Veluwe
S
Maandag en dinsdag 8 en 9 oktober 2018. Fietsen met Margo, Leo H en Piet.
Nijkerk, Kootwijk, Stroe, Harskamp, Otterlo, Renkum, Arnhem, Schaarsbergen, Hoenderloo, Ugchulen, Apeldoorn, Uddelerlermeer, Putten, Nijkerk. Ongeveer 150 km.
We overnachtten bij een Vrienden op de Fietsadres in Schaarsbergen.



St. Odiliënberg (DE-15)
S
Fietsen in West-Duitsland
Als je het verslag van de hele fietstocht wilt lezen, moet je naar beneden scrollen naar dag 1.
Dag 15. Fietsen met broer Piet in West-Duitsland, donderdag 30 augustus 2018. Van Fischenich naar Roermond, 125 km.

Al snel zitten we op grindpaden door het bos. Afgelopen nacht heeft het stevig geregend. Dat is overal te zien. Alles is kletsnat. Hele stukken gaan we over rechte landbouwwegen richting Düren. In deze stad zijn diverse kazernes en andere militaire gebouwen.


We komen door een dorpje met een bakkerswinkel. Het is half twaalf. Als we koffie bestellen zegt de winkeldame dat de koffie op is. Haar lichaamstaal toont ons dat ze niet van plan is voor ons opnieuw koffie te zetten. We kopen er maar zes rozijnenbollen. Je weet nooit wanneer we de volgende winkel zien.

Later fietsen we langs het riviertje de Rur. Het is makkelijk fietsen omdat alles vlak is en het wegdek meestal goed. De volgende stad is Linich. Normaal zou je deze stad niet bezoeken. Het is theetijd, daarom rijden wij Linich in. Ze zijn hier in het centrum bezig met de riolering en de bestrating. Een eindje kunnen wij over de stoep en verder over de straat, waar even niet wordt gewerkt. Dan staan we ineens voor een soort muur. De weg is van links naar rechts grondig afgezet. We kunnen absoluut niet verder. Alleen voetgangers kunnen verder over een trap. Dat wordt met een grote boog via een andere weg naar de plaatselijke bakker.
Bij Vlodrop komen we Nederland binnen. Het volgende dorp is St.-Odiliënberg. Hier gaan we voor een biertje. We vieren dat we nu bijna in Roermond zijn. In Roermond zien we de Roer in de Maas stromen.
In totaal fietsten we in 15 dagen meer dan 1.300 kilometers.
In de stad aan de monding van de Roer nemen we een maaltijd bij een Italiaan en gaan daarna naar het station. Om 10.15 uur komen we aan op station Sassenheim. Vandaar fietsen we terug naar Lisse. Het was een mooie fietstocht. Piet bedankt voor je gezelschap.
Zum probieren (DE-14)
S
Dag 14. Fietsen met broer Piet in West-Duitsland, woensdag 29 augustus 2018. Van Eckenhagen naar Fischenich, 85 km.
Bij het ontbijt babbelen we gezellig met de eigenaren Elke en Jürgen. Hij is een bijdehande bouwer en klusjesman, zij is het type dat het heel netjes is op haar spulletjes. Jürgen is dit jaar 65 geworden. Tegen de wand hangt een grote plastic 65. Elke zegt dat dit pas wordt opgeruimd als de kerstversiering van zolder wordt gehaald.

Vandaag gaat het landschap gemiddeld naar beneden, maar toch zijn er nog enkele pittige klimmen. Bij een bakker krijgt Piet zure koffiemelk. Hij gaat met zijn bakkie terug naar de bakkersvrouw. “Kein Problem”. Hij krijgt een nieuwe kop koffie met een ander koffiemelkhoudertje. Als ik later afreken krijgen we allebei nog een harde mueslikoek “zum probieren”.

Vóór Keulen fietsen we enkele kilometers door een bos dat vroeger een militair oefenterrein was. Bij de Rijn gaan we niet met het pont over maar kiezen ervoor verderop via de brug in de buurt van de gemeentecamping de rivier over te steken. In Keulen zitten we op een terras met uitzicht op de Rijn. De lucht wordt grijs. Voor vandaag was er toch geen regen voorspeld. Helaas, het gaat regenen. We verlaten de Rijn en gaan via Rodenkirchen naar het westen.

Als we ons melden bij een hotel in Fischenich hebben we vandaag al drie aanrijdingen gezien. Voor zover wij na kunnen gaan was er alleen sprake van blikschade. Na de warme maaltijd in het hotel maken we een wandeling door het dorp. Het wordt geen lange wandeling want het dreigt stevig te gaan regenen.
Biggesee (DE-13)
S
Dag 13. Fietsen met broer Piet in West-Duitsland, dinsdag 28 augustus 2018. Van Stockum naar Eckenhagen, 72 km.
Van Stockum gaan we terug naar de zuidhoek van de Sorpesee, Amecke. In plaats van over bospaden nemen we het asfaltalternatief over Hagen. Na een pittige klim zijn we in Wildenwiese. Dit wordt aangegeven als een skigebied Hier runt een Nederlands stel een hotel-restaurant. De man komt van de noordkant van de Veluwe. Hij zegt dat hier in Wildenwiese eigenlijk bijna nooit te skiën valt. Er zijn een paar sneeuwkanonnen aangeschaft. Ze kunnen niet worden gebruikt, omdat ze niet weten waar ze water vandaan moeten halen. Zijn hotel moet het hier hebben van motorrijders. Tot begin 2020 zit hij al aardig vol geboekt.


In Finnentrop is een spoorwegovergang opgeheven. Dat is niet te zien op onze GPS-track. We rijden een stukje verder en zien dat we bij het treinstation met de lift omhoog kunnen. Daar steek je over naar de achterkant, waar een hellingbaan naar beneden is aangelegd.
Verderop fietsen we langs het riviertje de Bigge. Anders dan onze route aangeeft nemen we de westzijde van het stuwmeer de Biggensee. Bij een parkeerpleintje is een snackbar waar je vette worsten en hamburgers kunt kopen. Ze hebben er ook lekker koud alcoholvrij Weissbier. Veel motorrijders zitten hier te eten en/of te drinken op de houten banken. Een halve liter bier kost hier maar € 2,50. In een Duits restaurant kost dit gemiddeld € 4.
Halverwege de Biggensee steken we over naar de oostzijde. We komen zo weer op de route van M. Wannet. Er staat aangegeven dat de weg is “gespert.” We gokken het erop dat het niet geldt voor fietsers.


Even voor Eckenhagen komen we langs een pension. De eigenaar heeft lang grijs haar en een naar beneden hangende snor die er uit ziet als een baard. Er is een kamer voor ons vrij. . Er lopen kippen en ganzen op het erf van het pension en de woning van de eigenaars. Eten doen we bij het Griekse restaurant met de Oerduitse naam Lindenstübchen.
Stuwmeren (DE-12)
S
Dag 12. Fietsen met broer Piet in West-Duitsland, maandag 27 augustus 2018. Van Rüthen naar Stockum, 80 km.
Eerst moeten we terug naar het hoger gelegen centrum van Rüthen. Vandaar gaan we als een speer richting het riviertje.

De Möhnesee is een stuwmeer. De stuwdam werd op 17 mei 1943 door de geallieerden verwoest. Door de vloedgolf die ontstond kwamen 1.200 mensen om het leven. We volgen dit meer via de zuidzijde. Soest slaan we over. We drinken weer een koffie, nu bij een imbiss. Piet maakt een babbeltje met de eigenaar. Het gaat over de marskramers die vroeger vanuit Duitsland naar Nederland liepen om spulletjes te verkopen. De man weet dat er in Nederland ook een Soest is. Daar woonde destijds Koningin Juliana. Hij is ooit langs het paleis gereden in de buurt van de stad Utrecht. Voordat we weer doorfietsen maken we nog een praatje met een man, die zegt dat hij ook een Flyer e-bike heeft. Hij vraagt of wij vader en zoon zijn.
Vijfentwintig kilometer verder zijn we weer bij een stuwmeer. Dit is de Sorpesee. In Langscheid willen wij wel overnachten. De jeugdherberg is vol. Een viersterrenhotel met een zwembad op het dak heeft wel een kamer vrij, maar die kost € 159. Dat vinden we iets te duur. We fietsen verder over het fietspad aan de oostkant van het stuwmeer naar Amecke. Daar is een klein hotel met drie kamers. De deur is dicht. We zoeken het telefoonnummer op op internet. Daar is geen plek meer voor ons. Na ons telefoongesprek komt de eigenaar naar buiten. De man met snor verwijst ons naar het dorp Stockum. Daar zijn drie hotels. Het tweede hotel is bingo. Op de kamer zien we dat er maar één dekbed en één kussen ligt. Dat wordt wat krapjes. Na melding wordt hier nog even wat aangedaan.
Even iets anders. De afgelopen dagen valt me op dat Duitsers bij gesprekken onderling dikwijls het woordje “genau” (letterlijke vertaling “precies”) gebruiken. Als de ander een tijdje aan het woord is, zeggen wij “ja” om aan te geven dat we nog bij de les zijn. Hier in Duitsland gebruiken ze dikwijls “genau”.

We eten Lachsforelle in het hotel. Voor de Duitslandkenners onder lezers. We zijn nu in Sauerland/Westfalen. Bij onze avondwandeling door Stockum komen we langs een bankje. Hierop staat de tekst: “ Wie hier zit wil graag meegenomen naar Sundern”. Sundern is de grotere plaats niet ver van het dorpje Stockum.
Spitze Warte (DE-11)
S
Dag 11. Fietsen met broer Piet in West-Duitsland, zondag 26 augustus 2018. Van Horn-Bad Meinberg naar Rüthen, 92 km.
Onze fietsen stonden vannacht op de laminaatvloer van het restaurant. Vanmorgen rekenen we af en krijgen een handgeschreven ouderwets bonnetje met de omschrijving Ü Fr DZ. Deze afkorting betekent overnachting met ontbijt in een tweepersoonskamer. Het hotel was voor ons prima. Echter er is een behoorlijke achterstand in ouderhoud van het gebouw, het terras en de tuin.

Een bezoek aan de Externsteinen kan je niet overslaan. Het is nu nog heerlijk rustig. We zijn bijna de enige gasten bij dit bijzonder fenomeen van hoge smalle rotsen van zo’n 40 meter hoog.

Hele stukken fietsen we door het Teutoburgerwald. Regelmatig omhoog of omlaag over kiezelstenen. De fietsen hebben heel wat te verduren. De Schwalbe-Marathon-Plus banden zijn hard opgepompt. Deze zondagmorgen is het niet erg druk in de toeristische stad Paderborn. Voorbij deze stad volgen we ongeveer 40 km de Almeradweg. Dat is makkelijk fietsen.


Als we in het centrum van Rüthen zijn bel ik naar hotel Spitze Warte met de vraag of ze nog een kamer voor ons hebben. We zijn welkom. Het is vanuit het centrum drie kilometer fietsen naar het hotel. De eigenares van het hotel komt al naar buiten als we aankomen rijden. Ze staat raar te kijken dat wij twee mannen blijken te zijn. Ze dacht aan een echtpaar en had een kamer met een tweepersoonsbed klaargemaakt. We moeten even 10 minuten wachten. In die tussentijd maakt ze een kamer met twee eenpersoonsbedden in orde.
We eten in het hotel en gaan vandaag vroeg onder de wol.